Specialist in pensioen-, oudedags- en inkomensvoorzieningen
 
Home   Ondernemer Werkgever Werknemer

 

Over ons

Actualiteiten Offerte Contact

 Collectief pensioen Pensioenwet (PW)


Sinds 1 januari 2007 is de nieuwe Pensioenwet gefaseerd in werking getreden.

De Pensioenwet heeft de Pensioen- en spaarfondsenwet (PSW) uit 1954 vervangen. Sinds de invoering in 1954 is de PSW herhaaldelijk gewijzigd om deze aan te laten sluiten op de veranderende demografische, sociale en economische ontwikkelingen. Door alle wijzigingen van de afgelopen 50 jaar is de PSW minder overzichtelijk geworden zodat er een nieuwe Pensioenwet (PW) wenselijk bleek.

Binnen de Invoerings- en aanpassingswet Pensioenwet (IPW) wordt geregeld in hoeverre de Pensioenwet (PW) van toepassing is op pensioenopbouw die al in het verleden heeft plaatsgevonden.

De behandelde onderwerpen zijn:

Nieuw begrip: pensioenovereenkomst
Lagere toetredingsleeftijd van maximaal 21 jaar
Partnerbegrip
Wacht- en drempelperiode
Tijdige en uitgebreide informatievoorziening aan deelnemers pensioenregelingen
Nieuw begrip: uitvoeringsovereenkomst
Pensioenreglement
C-polis verdwijnt
Informatieplicht bij betalingsachterstand
Afkoop door pensioenuitvoerder
Nieuw begrip: Indexatielabel
Uitbreiding zorgplicht
Behoud aanspraak op pensioen bij beëindiging dienstverband/verlof
Tijdstip keuzerecht uitruil ouderdomspensioen in partnerpensioen
Raadgeving en begeleiding?

< terug naar boven >

Nieuw begrip: pensioenovereenkomst

Het huidige begrip pensioentoezegging in de PSW wordt in de Pensioenwet vervangen door het begrip pensioenovereenkomst.

De pensioenovereenkomst is een afspraak tussen de werkgever en werknemer over pensioen. Een verwijzing naar een bestaand pensioenreglement kan voldoende zijn om een pensioenovereenkomst tot stand te brengen. Binnen één maand nadat de werknemer in dienst treedt of recht heeft op deelname aan een pensioenregeling moet de pensioenovereenkomst tot stand komen. De Pensioenwet onderscheidt drie 'karakters' in de pensioenovereenkomsten, n.l.:

1.  Kapitaalovereenkomst:
     Er wordt een kapitaal vastgesteld dat uiterlijk op de pensioendatum wordt omgezet in een pensioenuitkering (ook wel streefregeling
     genoemd); of
2.  Premieovereenkomst:
     Er wordt een premie vastgesteld die uiterlijk op de pensioendatum wordt omgezet in een pensioenuitkering (ook
     wel beschikbare premieregeling genoemd); of
3.  Uitkeringsovereenkomst:
     Er wordt een pensioenuitkering vastgesteld (ook wel salaris-diensttijdregeling genoemd, b.v.. eindloon- of middelloonregeling).

De werkgever moet in de pensioenovereenkomst aangeven welk karakter de overeenkomst heeft. In de pensioenovereenkomst staan onder andere ook de uitkeringsduur van ouderdoms-, nabestaanden- en arbeidsongeschiktheidspensioen, de toeslagverlening (indexatie), de pensioenuitvoerder en een eventueel betalingsvoorbehoud van de werkgever.

< terug naar boven >


Lagere toetredingsleeftijd van maximaal 21 jaar

Als een werkgever een pensioenovereenkomst sluit met zijn werknemers, dan mag de pensioenregeling niet later ingaan dan op 21-jarige leeftijd. Eerdere toetreding tot de pensioenregeling is mogelijk.

< terug naar boven >


Partnerbegrip

Een werknemer die een gezamenlijke huishouding voert, wordt gelijkgesteld met een gehuwde werknemer en een werknemer met een geregistreerd partnerschap. Dit geldt alleen voor actieve deelnemers aan een pensioenregeling.

< terug naar boven >


Wachttijd en drempelperiode

Het tijdstip van ingang deelname aan het opbouwen van ouderdomspensioen kan maximaal 2 maanden worden uitgesteld door in de pensioenovereenkomst een wachttijd of drempelperiode op te nemen. Voor verwerving van nabestaandenpensioen (partner- en wezenpensioen) en arbeidsongeschiktheidspensioen (WIA-Excedentpensioen) mag geen wachttijd of drempelperiode worden opgenomen (de huidige 'voorportaalregeling' i.v.m. 1-jaar-in-dienst).

< terug naar boven >
 

Tijdige en uitgebreide informatievoorziening aan deelnemers pensioenregelingen: Startbrief

De Pensioenwet eist dat de pensioenuitvoerder de deelnemer beter informeert. Zo ontvangen werknemers van de pensioenuitvoerder een ‘startbrief’ waarin de pensioenregeling in heldere bewoordingen is omschreven.

De werkgever is verantwoordelijk voor de inhoud van de startbrief en de pensioenuitvoerder moet zorgen voor de afgifte en uitvoering ervan. Elke werknemer ontvangt binnen drie maanden na het sluiten van de pensioenovereenkomst (en binnen een jaar na inwerkingtreding van de Pensioenwet) deze startbrief.

In de startbrief dient o.a. het karakter van de overeenkomst te staan (kapitaal- premie- of uitkeringsovereenkomst), de vaststelling en wijze van opbouw van aanspraken, de keuzemogelijkheden van de werknemer, de te bereiken aanspraken/indicatie van het kapitaal, de toeslagverlening (indexatie), het recht op waardeoverdracht en de risico’s die voor rekening van de werknemer komen.

Ieder jaar moet de pensioenuitvoerder de actieve deelnemers en gepensioneerden een overzicht sturen van de te bereiken en de opgebouwde aanspraken. Het overzicht wordt ook verstuurd bij uitdiensttreding en wordt eens in de vijf jaar verstrekt aan gewezen deelnemers.

< terug naar boven >


Nieuw begrip: uitvoeringsovereenkomst

Zodra de werkgever een pensioenovereenkomst heeft gesloten met zijn werknemers, moet hij met de uitvoerende verzekeraar een uitvoeringsovereenkomst sluiten.

De uitvoeringsovereenkomst bevat de volgende verplichte elementen:
1. De procedure van omzetting van de uitvoeringsovereenkomst in het pensioenreglement
2. De financiële relatie tussen de werkgever / pensioenuitvoerder (premievaststelling, premiebetaling en procedure
    bij niet-betalen premie door werkgever)
3. Het toeslagbeleid (indexatie)
4. De uitgangspunten en procedures in geval van winstdeling

5. Informatieverstrekking van de werkgever aan de pensioenuitvoerder

In de uitvoeringsovereenkomst komen ook eventuele ‘als-dan-elementen’ te staan. U kunt hierbij denken aan: een voorbehoud werkgever tot verlagen of stopzetten van premiebetaling (economische clausule), hoe wordt omgegaan met eventuele kortingen op de premie (bij overrendementen), bijstortingsverplichting van de werkgever en voorwaarden waaronder moet worden bijgestort (affinancieringsverplichting uit-dienst / evenredige opbouw), vrijwillige voortzetting van de pensioenregeling (bij uit-dienst-treden / ondernemer worden) en rechten en plichten m.b.t. de vrijwillige pensioenregelingen (pensioenbijsparen).

< terug naar boven >
 

Pensioenreglement

De pensioenuitvoerder is verantwoordelijk voor het opstellen van een pensioenreglement. Daarin staan de rechten en plichten van de uitvoerder ten behoeve van de (gewezen) deelnemer, (ex-)partner en pensioengerechtigde op basis van de pensioenovereenkomst en de uitvoeringsovereenkomst. Het is niet langer een pensioendocument tussen werkgever en werknemer. Het pensioenreglement wordt alleen op verzoek aan de werknemer verstrekt.

< terug naar boven >


C-polis verdwijnt

De C-polis komt te vervallen (hierbij is de werknemer ook verzekeringnemer, i.t.t. werkgever). Krachtens de Pensioenwet kan namelijk alleen de werkgever nog verzekeringnemer zijn. Lopende C-polissen blijven bestaan en zullen langzaam verdwijnen.

< terug naar boven >


Informatieplicht bij betalingsachterstand

Als de werkgever nalaat de premie te betalen, dan moet de uitvoerder de deelnemers daarover informeren voordat de polis premievrij gemaakt wordt. Premievrijmaking kan in geval van betalingsachterstand met een terugwerkende kracht van maximaal vijf maanden vanaf het moment dat de deelnemers daarover geïnformeerd zijn. Vanaf het moment van informeren van de premieachterstand hebben de deelnemers drie maanden de tijd om de risico’s van overlijden en arbeidsongeschiktheid zelf in een verzekering onder te brengen voordat de polissen premievrij gemaakt worden.

< terug naar boven >


Afkoop door pensioenuitvoerder

Twee jaar na het einde van het deelnemerschap kan een pensioenuitvoerder een premievrije polis afkopen als het pensioen minder dan € 400,- per jaar bedraagt (wordt jaarlijks geïndexeerd). Hiervoor is in beginsel geen instemming van de rechthebbende nodig. Die instemming is wel nodig als de deelname beëindigd is vóór de inwerkingtreding van de Pensioenwet. Afkoop bij emigratie en de hierbij gepaard gaande verdubbeling van het afkoopbedrag is niet langer mogelijk.

< terug naar boven >

 

Nieuw begrip: Indexatielabel


De informatieverstrekking aan de (potentiële) deelnemers, gewezen deelnemers en pensioengerechtigden over de toeslagverlening moet eerlijk, toegankelijk en begrijpelijk zijn. Daarvoor wordt een indexatielabel ontwikkeld op basis van een continuïteitsanalyse van pensioenfondsen. Dit indexatielabel is een beeldmerk dat inzicht moet geven in de zekerheid waarmee een pensioenregeling meegroeit met de inflatie.

< terug naar boven >


Uitbreiding zorgplicht

Een werknemer die (deels) gebruikmaakt van een beleggingsverzekering mag geen al te grote risico’s meer lopen. Naarmate de deelnemer de pensioendatum nadert, moet de beleggingsmix minder risicovol zijn. Als de deelnemer volgens de pensioenuitvoerder een onaanvaardbaar groot beleggingsrisico loopt, moet de uitvoerder - zonder verplichte toestemming van de deelnemer - de beleggingsmix aanpassen. De zorgplicht leidt er toe dat de deelnemer vooraf wordt beschermd tegen al te grote beleggingsrisico’s.

Deelnemers aan beleggingsvrije premieovereenkomsten moeten zelf een keuze kunnen maken tussen enerzijds het beperken van de beleggingsvrijheid door de beleggingsmix in beheer te geven bij de pensioenuitvoerder en anderzijds een volledig beleggingsvrije premieovereenkomst.

Deelnemers die dat willen (en dat aangeven), kunnen zelf in alle vrijheid beleggen. De pensioenuitvoerder moet die deelnemers bijstaan met advies, zo nodig tegen een kostenvergoeding. De pensioenuitvoerder moet minstens éénmaal per jaar de ontwikkeling binnen de beleggingsmix van deelnemers met beleggingsvrijheid analyseren en op basis van deze analyse de deelnemer informeren en adviseren. In deze situatie kan de deelnemer het advies naast zich neerleggen en zodoende tot  pensioendatum blijven speculeren.

< terug naar boven >


Behoud aanspraak op pensioen bij beëindiging dienstverband/verlof

De aanspraak op een partnerpensioen op risicobasis blijft behouden (thans vervalt deze) als de deelnemer na beëindiging van de deelneming een werkloosheidsuitkering ontvangt. Gedurende de uitkeringsperiode wordt de hoogte van het partnerpensioen vastgesteld alsof het op opbouwbasis is overeengekomen. In alle andere gevallen vervalt een aanspraak op partnerpensioen op risicobasis bij het beëindigen van het dienstverband.

De dekking van een partnerpensioen wordt niet aangetast wanneer de deelnemer gedurende de deelneming onbetaald verlof opneemt tot een maximum van 18 maanden. Deze bepaling is mede opgenomen om het partnerpensioen veilig te stellen tijdens een levensloopverlof.

< terug naar boven >
 

Tijdstip keuzerecht uitruil ouderdomspensioen in partnerpensioen

Het recht op uitruil van ouderdomspensioen in partnerpensioen bestaat in de Pensioenwet ook bij beëindiging van de deelneming aan een pensioenregeling. Op de pensioendatum moet de pensioenuitvoerder de deelnemer standaard aanbieden een deel van het ouderdomspensioen om te ruilen voor een partnerpensioen.

< terug naar boven >

 

Collectief pensioen voor uw werknemers?

Wij adviseren en communiceren over het ontwerpen, wijzigen, introduceren of het uiteenzetten van pensioenregelingen.

Afhankelijk van het door u gevraagde advies stellen wij, na een inventarisatie, een opdrachtbeschrijving, lijst van werkzaamheden en urenbegroting op. Zodoende hebt u inzicht in ons plan van aanpak en de kosten voor het advies.

Voor meer informatie/vragen kunt u bellen of gebruik maken van ons online contactformulier.

Telefoon  (0316) 285 115
E-mail  info@pabg.nl
Contactformulier  Online

< terug naar boven >


INHOUDSOPGAVE

Inleiding

Sociale Zekerheid en Pensioen

Pensioenregeling

    ►
Pensioenwet (PW) 2007

Pensioen Wet Gelijke Behandeling

Pensioen Fiscale Behandeling

Levensloopregeling

Wat kunnen wij voor u betekenen?

Zie ook onze werkgeverspagina:   
   
Ziekteverzuim en WIA

Logo&Huisstijl ontworpen door Connexx Reclamebureau Copyright © 2012 - Pensioen Adviesbureau Gerritsen Disclaimer&Privacy